Cees van der Poel studeerde orgel bij Albert de Klerk in Haarlem en bij Hans van Nieuwkoop aan het Sweelinck Conservatorium Amsterdam. Daarnaast rondde hij in Amsterdam een studie kerkmuziek af en aan het Maastrichts Conservatorium een hoofdvakstudie piano bij Frédéric Meinders en Joop Celis. Van der Poel is werkzaam als uitvoerend musicus, docent en koordirigent. Hij werkt als zelfstandig adviseur op orgelbouwgebied en is als zodanig verbonden aan de grote rooms-katholieke en protestantse kerkelijke koepels. In samenwerking met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed begeleidt hij restauraties van monumentale orgels. Verder maakt Van der Poel deel uit van de redacties van maandblad ‘Het Orgel’ en de encyclopedie Het Historische Orgel in Nederland. Vanaf 1998 tot 2011 is Cees van der Poel organist geweest van de Morgenster te Hilversum. Al vanaf de oprichting maakt Van der Poel deel uit van het ensemble La Barca Leyden als vaste continuospeler.
 Boudewijn Jansen studeerde piano en orkestdirectie aan het Utrechts Conservatorium. Tezelfdertijd nam hij deel aan de operastudio van de Nationale Reisopera in Enschede. Na zijn studie werd hij muzikaal leider en dirigent van de Stichting Kameropera Nederland. Sinds 1994 maakt hij deel uit van de muzikale staf van De Nederlandse Opera in Amsterdam in de functie van assistent-dirigent en repetitor. In 2001 debuteerde Boudewijn als dirigent in Het Muziektheater te Amsterdam met Janaceks Jenufa met het Radio Philharmonisch Orkest. Als koordirigent verzorgde hij diverse malen de instudering van het Koor van De Nederlandse Opera. Boudewijn dirigeerde onder andere het Nederlands Philharmonisch Orkest, Holland Symfonia en het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Van grote muzikale betekenis voor hem was de samenwerking met o.m. Hartmut Haenchen, Mariss Jansons, Pierre Boulez en Sir Simon Rattle. In het kader van het Poortersfestival in Amersfoort dirigeerde hij in juni 2004 een operaproductie van Der Kaiser von Atlantis (Ullmann) en verzorgde hij de programmering van een serie concerten in de Amersfoortse binnenstad. Jaarlijks neemt hij de muzikale leiding op zich van het Utrechtse Oude Gracht Opera Concert. Sinds september 2003 is Boudewijn dirigent van het Toonkunstkoor Amsterdam, een groot concertkoor met een rijke 175-jarige historie. Hij continueert hiermee tevens de ruim honderdjarige traditie van de uitvoering van de Matthäus Passion van Bach, op Goede Vrijdag in het Amsterdams Concertgebouw. Naast een eigen programmering, welke regelmatig wereldpremières en 20e eeuwse werken betreffen, is het Toonkunstkoor vaste partner van het Nederlands Philharmonisch Orkest en Holland Symfonia. Sinds 1991 is Boudewijn Jansen dirigent van het VU-Kamerkoor. Onder zijn leiding heeft het koor naam verworven met een repertoire dat reikt van Bach's passies tot a capella wereldpremières. In 2000 dirigeerde hij een productie van Stravinsky's The Rake’s Progress en in het najaar van 2005 bracht hij een bijzonder operaprogramma met een drieluik van Martinu, Ansink en Puccini. In juni 2008 vervulde Boudewijn Jansen bij het VU-Kamerkoor succesvol een dubbelrol als dirigent én regisseur bij de uitvoering van de madrigaalkomedie The Unicorn, The Gorgon and The Manticore van Gian Carlo Menotti.
|
BAS RAMSELAAR werd in 1961 geboren te Amersfoort. Onder leiding van zijn vader Wim Ramselaar zong hij al op zesjarige leeftijd mee in verschillende koren. Zijn eerste zanglessen ontving hij van Miep Zijlstra. Vanaf 1981 studeerde hij solozang aan het Utrechts Conservatorium, gevolgd door privé-studies bij Frans Schouten en Aafje Heynis en interpretatielessen bij Robert Holl. Daarbij was hij tussen 1985 en 2001 vast lid van het vermaarde Nederlands Kamerkoor en maakte hij jarenlang deel uit van het solistenensemble van de Nederlandse Bachvereniging.
Als dirigent heeft Bas Ramselaar de afgelopen jaren een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Met ‘zijn’ St. Joris Kamerkoor uit Amersfoort, onder zijn leiding vanaf 1995, voert hij voornamelijk Kerkmuziek uit.
Tevens is Bas Ramselaar sinds 2001 de vaste dirigent van de Bach Cantorij Baarn en Orkest, waarmee hij alle grote werken, meer dan 60 geestelijke Cantates en de Motetten van J.S. Bach mocht uitvoeren.
Tenslotte is hij dirigent van de Toonkunst Oratorium Vereniging Amersfoort, waarmee hij concerten gaf met o.a. Rossini’s Petite Messe Solennelle, Mendelssohns ‘Elias’, Mozarts Grosse Messe in c klein, ‘Krönungsmesse’ en ‘Vesperae Solennes’, Vierne’s Messe Solennelle, Bachs Matthäus Passion (2 keer) en Johannes Passion, Haydns ‘Die Schöpfung’, Requiemmissen van Verdi, Fauré en Duruflé, ‘Missa Choralis’ van Liszt, ‘Mirror of Perfection’ van Richard Blackford, Händels ‘Messiah’ en de Psalmen 95 + 42, en ‘Die Erste Walpurgisnacht’ van Felix Mendelssohn Bartholdy.
Naast al deze activiteiten is hij regelmatig werkzaam als zangpedagoog, co-repetitor en docent stem- en koorvorming.
 Tenor Harry van Berne  studeerde cello en solozang aan het Sweelinck Conservatorium te Amsterdam. Verdere studie werd gevolgd bij o.a. Margreet Honig in Amsterdam en Anthony Rolfe Johnson in London. Harry van Berne is een veelgevraagd solist in opera, op concerten en oratoriumuitvoeringen. Tevens geeft hij liederenrecitals, daarbij begeleid door piano of luit.
Als solist wordt Harry geïnviteerd om te concerteren, naast de concerten in eigen land en de andere landen van West-Europa, o.a. in de USA, het Midden-Oosten, Japan en Zuid-Amerika. Zijn uitgebreide repertoire omvat werken uit alle stijlperiodes: van de vroege Middeleeuwen tot en met composities van eigentijdse muziek, waarvan sommige speciaal voor hem werden geschreven. Naast zijn solistische activiteiten heeft ook de professionele ensemblezang zijn aandacht, gezien de verbintenissen met het Nederlands kamerkoor (2e helft jaren '80) en de solistisch bezette, internationaal gereputeerde ensembles: Quink , Gesualdo Consort en het Huelgas Ensemble . Ook geeft Harry regelmatig cursussen en workshops over specifieke onderwerpen of stijlperiodes, zowel voor solozangers als voor ensembles. Als hoofdvakdocent solozang is Harry verbonden aan het conservatorium van Arnhem.
Harry werkte als solist reeds met vele bekende dirigenten en orkesten samen, waaronder René Jacobs, Philippe Herreweghe, Jos van Immerseel, Ton Koopman, Michael Schneider, Jaap van Zweden, Arnold Östman, Jos van Veldhoven en Reinbert de Leeuw, The Amsterdam Baroque Orchestra, La Stagione Frankfurt, het NedPho en het Schönberg Ensemble, De Vlaamse Philharmonie en het Orchestre des Champs Elysées.
|