
Cantate Jauchzet, frohlocket BWV 248-I (eerste cantate uit het Weihnachts-Oratorium.
Uitvoerenden:
Elsbeth Gerritsen - alt
De mezzo-sopraan Elsbeth Gerritsen Als soliste is Elsbeth Gerritsen regelmatig te gast bij diverse koren en orkesten. Zo zong zij onder meer de Altrapsodie van Brahms en de Wesendonklieder van Wagner (met het Apeldoorns Symfonie Orkest), en M is for Music, Man, Mozart van Andriessen (Utrechts Blazers Ensemble). Ook zingt zij veel oratoriumrepertoire, waaronder de Johannes Passion (Nederlands Bach Ensemble) en de Matthäus Passion van Bach (Laurens Cantorij), en het Gloria van Vivaldi (Mozart-Ensemble Ruhr). Ook zong zij het Stabat Mater van Pergolesi, het Requiem van Mozart, de Petite Messe Solennelle van Rossini, L'Enfance du Christ van Berlioz, en Alexander Nevski van Prokofjev.
Elsbeth Gerritsen is de alt in Quink, een vocaal kwintet dat internationale bekendheid geniet.
Tevens zingt zij graag liederen. Zo was Elsbeth Gerritsen te gast in het Internationaal Kamermuziek Festival Schiermonnikoog, het Franse Kamermuziekfestival Consonances te Saint-Nazaire, en het Hongaarse Festival Music of Our Age te Budapest. In het Hortus Kamermuziek Festival is zij vaste gast. Elke zomer is zij daar te horen met liederen uit de 19e, 20e, en 21e eeuw.
Op cd is Elsbeth Gerritsen te beluisteren in het oratorium Stärcke der Lieb' van Johann Heinrich Schmelzer (Aliud Records), de opera De Roep van de Kinkhoorn van Bart Visman (Brilliant Classics) en het Stabat Mater van Arvo Pärt (Cobra Records).
Mattijs Hoogendijk - tenor
voltooide zijn zangstudie in Zwolle met prachtig resultaat. Het programma bestond uit Dichterliebe van R. Schumann en de rol van Tamino (Zauberflöte). Mattijs had les van Felix Schoonenboom en vervolgde zijn studie bij Cora Canne Meijer.
Met zijn soepele, lyrische geluid en de gemakkelijke hoogte heeft Mattijs zich ontwikkeld tot een veelzijdig zanger met een evenzo veelzijdig repertoire.
In Frankrijk zong Mattijs King Arthur van Purcell. De voorstelling ging succesvol in het Concertgebouw in reprise. Hij zong Orfeo van Claudio Monteverdi en in Jonah the Naysayer van Willem Breuker. In 2010 speelt hij in de jubileum productie ‘Het huwelijk van de Barbier’ van opera Nijetrijne. Hij was in Nederland en Duitsland te horen in de Maria Vespers van Monteverdi, de Bach Passionen, de Messiah, het Mozart Requiem en onlangs in psalmen van Mendelssohn o.l.v. Nicolaus Harnoncourt. Hij werkte samen met vocaal ensemble Quink aan een opname van Rossini’s Petite Messe Solennelle. Mattijs zong verschillende liedrecitals met Elizabeth van Malde. Samen met zijn vrouw Sonia Bjornsen zong hij liedprogramma’s in Nederland en Amerika.
Per seizoen 2008/2009 is Mattijs als vast koorlid aan het Nederlands Kamerkoor verbonden.
Jelle Draijer - bas
De basbariton Kees Jan de Koning studeerde aanvankelijk blokfluit aan het Utrechts Conservatorium. In de periode van het behalen van zijn diploma in 1983 begon hij aan een zangstudie, eerst bij de bas Peter Kooy, daarna bij zangpedagoog Herman Woltman. Hij sloot zijn zangopleiding af in 1991 aan het Koninklijk Conservatorium te Den Haag, waaraan hij al het jaar daarop als zangdocent verbonden werd. Eveneens in 1992 verwierf hij een vaste plaats in het vermaarde Nederlands Kamerkoor.
Daarnaast vormt de bas van Kees Jan de Koning het fundament van het internationaal bekende Quink Vocaal Ensemble; bovendien verleent hij regelmatig zijn medewerking aan diverse belangrijke Europese ensembles, zoals het Huelgas Ensemble, het Gesualdo Consort Amsterdam en Weser Renaissance.
Hij werkte in deze ensembles mee aan vele cd-opnamen.
Als solist treedt hij op in opera- en oratoriumconcerten en werkt daarbij samen met gerenommeerde dirigenten als Frans Brüggen, Paul van Nevel, Ton Koopman, Philippe Herreweghe, Reinbert de Leeuw en Tõnu Kaljuste.
Ook in deze hoedanigheid verleende Kees Jan de Koning medewerking aan diverse cd-opnamen.
Algehele leiding Bas Ramselaar
BAS RAMSELAAR werd in 1961 geboren te Amersfoort. Onder leiding van zijn vader Wim Ramselaar zong hij al op zesjarige leeftijd mee in verschillende koren. Zijn eerste zanglessen ontving hij van Miep Zijlstra. Vanaf 1981 studeerde hij solozang aan het Utrechts Conservatorium, gevolgd door privé-studies bij Frans Schouten en Aafje Heynis en interpretatielessen bij Robert Holl. Daarbij was hij tussen 1985 en 2001 vast lid van het vermaarde Nederlands Kamerkoor en maakte hij jarenlang deel uit van het solistenensemble van de Nederlandse Bachvereniging.
Als dirigent heeft Bas Ramselaar de afgelopen jaren een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Met ‘zijn’ St. Joris Kamerkoor uit Amersfoort, onder zijn leiding vanaf 1995, voert hij voornamelijk Kerkmuziek uit.
Tevens is Bas Ramselaar sinds 2001 de vaste dirigent van de Bach Cantorij Baarn en Orkest, waarmee hij alle grote werken, meer dan 60 geestelijke Cantates en de Motetten van J.S. Bach mocht uitvoeren.
Tenslotte is hij dirigent van de Toonkunst Oratorium Vereniging Amersfoort, waarmee hij concerten gaf met o.a. Rossini’s Petite Messe Solennelle, Mendelssohns ‘Elias’, Mozarts Grosse Messe in c klein, ‘Krönungsmesse’ en ‘Vesperae Solennes’, Vierne’s Messe Solennelle, Bachs Matthäus Passion (2 keer) en Johannes Passion, Haydns ‘Die Schöpfung’, Requiemmissen van Verdi, Fauré en Duruflé, ‘Missa Choralis’ van Liszt, ‘Mirror of Perfection’ van Richard Blackford, Händels ‘Messiah’ en de Psalmen 95 + 42, en ‘Die Erste Walpurgisnacht’ van Felix Mendelssohn Bartholdy.
Naast al deze activiteiten is hij regelmatig werkzaam als zangpedagoog, co-repetitor en docent stem- en koorvorming.
Inleiding Heleen Weimar
Heleen Weimar is predikant in de wijkgemeente Regenboogkerk te Hilversum, tevens is zij lid van het bestuur van Stichting Cantate op de BrinkKoor: Bach Cantorij Baarn
Orkest
![]()
Trompet
- Ruud Ootes
- Koen Jonker
- Alexis Oskam
Fluit
- Hannie Veenekamp
- Caroline Tuijtel
Hobo
- Eva Elgeti
- Sacha Hubert
Viool
- Carel den Hertog
(concertmeester) - Evelien Bouwmeester
- Ingrid Lubbers
- Hans Penders
- Jouke van der Leest
- Jenny Ileri
- Carien de Bakker
Altviool
- Carola Prick van Wely
- Ria van der Leest - de Lange
Cello
- Gé Bartman
Contrabas
- Norma Brooks
Fagot
- Myra de Vries
Pauken
- Martijn Kuiper
Basso continuo
- Arno Rog
